Jan Sluijters (’s-Hertogenbosch 1881-1957 Amsterdam)
Zelfportret, jaren dertig
Krijt en aquarel op papier,
31,5 x 24 cm
De Jan Sluijters-collectie is een van de speerpunten van het Noordbrabants Museum. In het verbouwde en vernieuwde museum, in 2013, krijgt deze geboren en getogen Bosschenaar zijn vaste plaats in de tentoonstellingszalen op de begane grond. Na zijn Prix de Rome-reis in 1905/06 die zorgde voor een turbulent begin van zijn carrière, voelde Jan Sluijters nog zelden de drang om naar het buitenland te reizen. Hij koos zijn onderwerpen bij voorkeur uit zijn directe omgeving: zijn ‘eigengereide, gezellige familie’, volgens dochter Lies, een – liefst vrouwelijk – model in zijn atelier, een boeket bloemen, het uitzicht uit zijn raam en stukjes Amsterdam niet te ver van zijn woonhuis. Ook zijn vier kinderen en later zijn kleinkinderen waren een onuitputtelijke inspiratiebron voor de schilder. Hij heeft hen talloze malen geportretteerd. In de eerste helft van de twintigste eeuw was Sluijters de bekendste portretschilder van Nederland. De menselijke figuur was uiteindelijk zijn belangrijkste thema.
Zelfportret
Sluijters’ eigen portret duikt met regelmaat op tussen de familieportretten en de opdrachten. Waren het vingeroefeningen, pogingen tot zelfonderzoek, verzoeken van zijn vrouw? In ieder geval documenteert de serie zelfportretten de gedaantewisseling van een kunstenaar met een lange loopbaan op unieke wijze: de beginnend academisch schilder in jacquet, de bekritiseerde pionier in moderne kleuren, het vurige schilderbeest in het heetst van de strijd, de gelauwerde kunstenaar van naam.
De verzameling van het Noordbrabants Museum telt, mede dankzij bruiklenen van de familie Sluijters, een portret van Sluijters’ vrouw Greet van Cooten, schilderijen van zijn twee zoons Jan en Rob en dochter Liesje – de publiekslieveling – en ten slotte een groot familiestuk met zijn ouders en beide zusters. Een zelfportret ontbrak nog in de collectie en deze lacune is met de aankoop van deze tekening aangevuld. In dit portret zet Jan Sluijters zichzelf nuchter en ongekunsteld neer in zijn werkkiel, maar zonder de attributen van zijn vak. De geconcentreerde gezichtsuitdrukking zegt genoeg. Deze nieuwe aanwinst hangt voorlopig in de Sluijters-zaal naast de museumwinkel.